Tagarchief: determinatie

Goudhanen influx


Nominaat Goudhaan (man) Regulus regulus regulus (foto Rob Floor)

Het zal niemand ontgaan zijn dat Nederland overspoeld wordt door Goudhaantjes. Werkelijk overal, met name in of nabij dennen, zijn momenteel Goudhanen te vinden. Maar waar komen ze toch vandaan?

Er zijn een aantal ringmeldingen, onder andere van Vlieland, van vogels die geringd zijn in de Scandinavische landen.  Die kunnen verklaard worden door de “falls” op de Waddeneilanden en nachtelijke trekbewegingen die zijn opgepikt door de radars van Defensie de afgelopen nachten.

In Eurazië komen verschillende ondersoorten voor van Goudhaan, naast de “nominaat” (R.r.regulus) die bij ons voorkomt (zie onderstaand), is het goed mogelijk dat er er tussen als deze nominaat Goudhanen een verre neef/nicht van een andere ondersoort opduikt. Meest kansrijk is R.r.coatsi uit Kazakstan grofweg uit een gebied waar ook de Humes Bladkoning vandaan komt die bij ons in November opduiken.

Het is dus opletten of je tussen de Goudhanen vogels ziet waarbij het grijs van de nek verder door loopt op de mantel, de onderdelen lichter zijn en de vleugelstreep breder en lichter is. (Meer foto’s van R.r.coatsi)

Grijs in nek loopt verder door op de mantel, lichtere onderdelen en bredere lichte vleugelstreep
R.r. coatsi. Grijs in nek loopt verder door op de mantel, lichtere onderdelen en bredere lichte vleugelstreep

R. r. regulus (Linnaeus, 1758). Breeds in most of Europe; this is the nominate subspecies.
R. r. himalayensis (Bonaparte, 1856). Breeds in the Himalayas; it is similar to the nominate subspecies, but slightly paler above and with whiter underparts.
R. r. japonensis (Blakiston, 1862). Breeds in Eastern Asia, including Japan, Korea, China and Siberia; it is greener and has darker upper-parts than the nominate form, and has broad white wingbars.
R. r. tristis (Pleske, 1892). Breeds in China and Central Asia, wintering in northeastern Afghanistan. Records of this race from Ladakh claimed by Meinertzhagen are considered to be fraudulent.[21] It is distinctive, with the black edges to the crest largely absent. The crown of the male is yellower than in other forms, and the underparts are much duller and greyer.
R. r. coatsi (Sushkin, 1904). Breeds in Russia and Central Asia, and is paler above than the nominate subspecies.
R. r. yunnanensis (Rippon, 1906). Breeds in the Eastern Himalayas, Burma and China; it is like R. r. sikkimensis, but darker overall with dark green upper-parts and darker buff underparts.
R. r. hyrcanus (Zarudny, 1910). Breeds only in Iran; it is like R. r. buturlini, but slightly darker.
R. r. buturlini (Loudon, 1911). Breeds in Eastern Europe, the Caucasus and Central Asia. It is paler above than the nominate subspecies, and greyish-green rather than olive.
R. r. sikkimensis (Meinertzhagen R. & Meinertzhagen A., 1926). Breeds in India and China. It is darker than R. r. himalayensis, and greener than the nominate subspecies.
Bron Wikepedia

Psiieeep’ers


Dit najaar zijn er in Katwijk al aardig wat leuke schaarse piepersoorten waargenomen. Onderstaand de soorten met aantal waargenomen vogels. Een spoedcursus met het geluid en plaatje van 1e kj vogels.

Mongoolse Pieper is een goede kandidaat om eens opgepikt te worden in Katwijk en Pechora Pieper een soort die hoog op de wenslijst staat van velen.


Roodkeelpieper (4)

1e kj Roodkeelpieper, foto Stefan Johanson
  • Duidelijk gestreepte stuit;
  • Lichte “ tramrails” op rug net als Pechora, kan Graspieper soms ook hebben maar minder licht;
  • Opvallende snor- en  baardstreep met donkere vlek op zijhals. Streping over borst loopt door over (licht creme) onderdelen;
  • Duidelijk gestreepte kruin;
  • Donkere tertials met witte(re) rand, donkere eindpunt tertial basis die hoek maakt naar binnenvlag.

Waarnemingen Katwijk

Pechorapieper

1e kj Pechorapieper, foto Chris Turner
  • Enige pieper met handpennen voorbij de tertials stekend;
  • Witte “ tramrails” op bovendelen, ook aanwezig bij roodkeelpieper;
  • donkere zijhalsvlek met zware streping doorlopend op “lichte/witte” onderdelen;
  • zwakke snor en baardstreep waardoor wang ongetekend oogt;
  • duidelijke witte vleugelstrepen (witte toppen vleugeldekveren).

Graspieper

1e kj Graspieper, foto Steve Young
  • Lichte teugelstreep;
  • Zwakke oogstreep’
  • Dunne snavel’
  • Zwaar gestreepte mantel;
  • Lange achterteennagel.

Waarnemingen Katwijk


Siberische Boompieper (1)

1e kj Siberische Boompieper, foto Jaap Denee
  • Olijfkleurige en zwak getekende bovendelen;
  • Typerend vrijstaande lichte vlek in de oorstreek met daaronder een donkere vlek;
  • Groenbruine tertial randen, bij Boompieper bruin;
  • Tweekleurige wenbrauw, crem voor het oog, wit achter het oog;
  • Sterk getreepte witte borst (boompieper creme), doorlopend op de flanken.

 Waarnemingen Katwijk

Boompieper

1e kj Boompieper, foto Francisco Garcia
  • Zwaar gestreepte borst en fijner op de flanken;
  • Duidelijke(re) snorstreep en wenkbrauwstreep;
  • Contrastrijke middenvleugeldekveren als bij Duinpieper;
  • Vrij forse snavel, meest forse van alle “kleinere” piepers;
  • Creme borst met lichte buik.

Waarnemingen Katwijk


Duinpieper (8)

1e kj Duinpieper, foto Dirk Eijkemans
  • Opvallende teugelstreep;
  • Egale onderdelen, minder streping dan vergelijkbare soorten;
  • Zwak getekende bovendelen, kan in 1e kj nog geschubde juveniele bovendelen houden;
  • Contrasterende donkere centra middelste dekveren ten opzichte van rest van “zandkleuring” lichaam.

Waarnemingen Katwijk 

 Grote Pieper (4)

1e kj Grote Pieper, foto Arie Ouwerkerk
  • Groot en langerekt formaat, lange staart doet bijna lijsterachtig voorkomen;
  • Duidelijke wenkbrauw doorlopend achter het oog;
  • Stevige en lange snavel;
  • Diffuus contrast middelste dekveren, lopen in punt uit;
  • Fijne en korte streping op borst, loopt niet door op flanken.

Waarnemingen Katwijk

 Mongoolse Pieper

1e kj Mongoolse Pieper, foto Markus Varesvuo
  • Zwakke wenkbrauwstreep die achter oog vervaagt;
  • Kortere staart en snavel waardoor, m.n. in vlucht, meer gedrongen indruk;
  • Fijne en korte snavel;
  • Contrasterende midden vleugeldekveren, minder puntig uitlopend dan bij Grote Pieper, randen ook lichter dan bij Grote;
  • Kortere achterteennagel, niet langer dan achterteen zelf.


Oeverpieper

1e KJ Oeverpieper, foto Rudy de Bruyne
  • Bovendelen weinig contrast met onderdelen, daardoor egaal ogend;
  • Bovendelen amper gestreept;
  • Duidelijke baardstreep;
  • Weinig opvallende wenkbrauwstreep;
  • Over algemeen geen witte buitenste staartveerranden.

Waarnemingen Katwijk

 Waterpieper 

1e kj Waterpieper, foto James Wood
  • Warmbruine stuit;
  • Donkere teugel;
  • Witte buitenste staartpennen;
  • Duidelijke lichte baard- en wenkbrauwstreep;
  • Enige (doorschijnende) tekening op mantel.

Waarnemingen Katwijk

 Amerikaanse Waterpieper 

1e kj Amerikaanse Waterpieper, foto Kit Day
  • Formaat Graspieper, daarmee kleiner dan Water- en Oeverpieper;
  • Geen donkere teugel;
  • Meer contrastrijke vleugeldekveren en tertials i.t.t. Water- en Oeverpieper;
  • Zeer zwak getekende rug en hals;
  • Donkere poten;

Pacifische Waterpieper

1e kj Pacifische Waterpieper, foto Nial Moores
  • Lichte poten i.t.t. Amerikaanse Waterpieper;
  • Witte vleugelstrepen i.t.t. Amerikaanse Waterpieper;
  • Fijnere borst en flankstreping i.t.t. Amerikaanse Waterpieper;
  • Complete witte oogring;
  • Creme onderdelen.

Determinatie Challenge


Een echte determinatie challenge

Download hier de determinatie presentatie van Arjan van Egmond lezing over herkenning van de kwikstaarten die we van het voorjaar kunnen verwachten in ons gebied. Deze presentatie werd 14 maart jl. gegeven in de Roskam tijdens de laatste lezingavond van het seizoen van de Birdclub Katwijk.

Gele Kwikstaart
Gele Kwikstaart

Pijlen on the move!


Pijlen

Pijlen on the move!

14 juli 2012

De zomer (voor zover je daarvan kunt spreken…) loopt vogeltechnisch gesproken ten einde en het najaar staat al weer voor de deur. Dat betekent ook weer: zeetrektellen! Juli wordt altijd gezien als een goede maand voor Vale Pijlstormvogel, mondiaal gezien een ernstig bedreigde soort. De eerste zijn al weer in de Hollandse wateren gezien (onder andere bij Camperduin), en als we de geluiden van onze zuiderburen mogen geloven komen er meer onze kant op. In Het Kanaal zijn al aardige aantallen gezien die noordwaarts vlogen. Noordse Pijlstormvogels kunnen ook al vroeg in het seizoen worden waargenomen, soms al in juni. De Grauwe Pijlstormvogels maken hun opwachting pas weer in september. Alle soorten kunnen met goede omstandigheden, veelal westerstormen, dan nog tot in december worden verwacht.

Bijgaand enkele filmpjes van de ‘algemenere’ pijlstormvogels waarop we de komende maanden in Katwijk bedacht moeten zijn, en een shortlist van de kenmerken die het meest bruikbaar zijn in het veld.

Vale Pijlstormvogel

– Vlucht: lijkt soms bijna meer als een duiker of fuut te vliegen, gehaast en met korte glijpauzes, kijlt het minst van alle drie de pijlen. Het is geen keihard kenmerk, maar van alle soorten pijlstormvogels vliegt de Vale Pijlstormvogel meestal het dichtst onder de kust!
– Lichaam en postuur: heeft een hangbuik, zwaartepunt in midden van lichaam.
– Kenmerken: komt een beetje ‘vuil’ over, maar er is grote variatie: van hele lichte vogels die meer naar Noordse Pijlstormvogel neigen (hou mogelijk Yelkouan in gedachte… :)) tot hele donkere, bijna als Grauwe Pijlstormvogel. Bovendelen bruin/grijs, maar tonen met bewolkt weer donker. Lichtere buik en ondervleugels. Kop donker tot onder het oog, geleidelijk lichter naar kin. Onderstaartdekveren donker.

Noordse Pijlstormvogel

– Vlucht: gehaaste vleugelslag met regelmatige glijposes, kijlt met korte steile boog en langzaam afglijdend, maar blijft ook voor langere tijd laag boven het water. Meestal wat verder weg, maar is ook vliegend over strand gezien.
– Lichaam en postuur: meer afgetraind postuur, zonder duidelijk zwaartepunt.
– Kenmerken: donkere bovendelen (donkerbruin en zwart), onderdelen wit, op de kop loopt donker tot oog. Buik, ondervleugels en onderstaartdekveren wit.

Grauwe Pijlstormvogel

– Vlucht: vliegt een beetje als een albatros, met hoge lange bogen en minder gehaaste vleugelslagen. Van alle soorten pijl meestal op de grootste afstand van de kust en met de hoogste snelheid. Vrijwel nooit heel dichtbij.
– Lichaam en postuur: sigaarvormig lichaam, met zwaartepunt bij de borst.
– Kenmerken: donkere lichaam, alleen lichte ondervleugeldekveren die ook op verre afstand oplichten.

Let op! Vanaf nu zijn is ook de Kleine Jager boven zee te verwachten.

Zeker de donkere fase kan op afstand makkelijk verward worden met een pijlstormvogel. Jagers hebben echter een meer regelmatige, meeuwachtige vlucht. Let op de lichte vlekken (‘patches’) op de onder- en bovenvleugels (aanzet slagpennen). Verwarring eigenlijk alleen mogelijk bij strak doortrekkende vogels op afstand en bij harde wind (als jagers en ook meeuwen (!) ook gaan ‘kijlen’). In tegenstelling tot pijlstormvogels vaak ter plaatse en jagend achter meeuwen en sterns.

Menno van Duijn