Storm met Frapo


De dagen voor Kerst 2014 werden we getrakteerd op een goede westerstorm. Na een drukke herfst was het vogelen in Katwijk een beetje ingezakt. Zoveel is er in deze tijd van het jaar ook weer niet te zien, en de donkere wintermaanden zijn altijd goed om wat meer tijd aan andere dingen dan vogels te besteden. In de winterperiode vind ik het zelf altijd wel lekker om zo nu en dan een strandwandeling te maken. Even uitwaaien. En na zo’n storm is altijd afwachten of er nog iets leuks is ‘aangespoeld’.

Rosse franjepoot
Rosse franjepoot

Zondag 28 december ligt het strand voor Katwijk bezaaid met zeesterren en schelpen. Een feest voor de in grote getale aanwezige meeuwen. Voor zover het gaat scan ik de groepen af, op zoek naar een door de storm hierheen gedreven Grote of Kleine Burgemeester. Tevergeefs. Rustig sjok ik langs de vloedlijn verder. Totdat ik uit mijn ooghoeken iets in het water zie bewegen. Op enkele meters uit de kant zwemt een Rosse Franjepoot! Dat is nou precies zo’n krent waar je op hoopt tijdens een wandeling na/in een storm. De vogel laat zich fraai bekijken en is tot enkele meters te benaderen. Druk pikt de vogel in het water, op zoek naar voedsel.

 

Rosse franjepoot
Rosse franjepoot

Het kenmerkende gedrag van een steltlopertje zwemmend in het water en druk om zich heen pikkend wijst direct al op een franjepoot. Als de vogel op het strand staat lijkt hij op het eerste gezicht wel op een Drieteenstrandloper. De koptekening en met name het zwarte masker achter het oog zijn echter kenmerkend voor een Rosse Franjepoot. Zelf vind ik ook de in verhouding kleine kop opvallend. Ook in vlucht is er een sterke gelijkenis met de Drieteenstrandloper. De duidelijk aanwezig witte vleugelstreep beperkt zich bij Rosse Franjepoot nagenoeg tot de armvleugel. Bij de Drieteenstrandloper bestrijkt deze vleugelstreep zowel de arm- als handvleugel.

De Rosse Franjepoot is een broedvogel van het hoge noorden, die vooral in het late najaar en winter tijdens en na een storm langs de Hollandse kust opduikt. De dichtstbijzijnde broedgebieden liggen op IJsland en Spitsbergen en verder weg in oostelijk Siberië. De soort overwintert in soms grote groepen op de oceaan ter hoogte van West- en Zuidwest-Afrika, op locaties met veel plankton dat door opwaartse golfstromen omhoog wordt gebracht. Waarnemingen in West-Europa beperken zich bijna altijd tot perioden met of na een zware storm. Het vermoeden bestaat dat de franjepoten die wij hier zien uit Noord-Amerika komen. Deze populatie heeft namelijk een zuidoostelijke trekroute naar het overwinteringsgebied ter hoogte van West-Afrika.

Rosse franjepoot

In tegenstelling tot de Grauwe Franjepoot wordt de Rosse Franjepoot nagenoeg uitsluitend langs de kust gezien. De Grauwe laat zich in Nederland voornamelijk (als zeer schaarse doortrekker) zien op zoet water en in andere maanden. De Ezumakeeg in het Lauwersmeergebied is in het voorjaar en nazomer een vaste stek voor deze soort. Opvallend genoeg overwintert de Grauwe wel net als Rosse op volle zee, ook in zout water dus. Echter niet in de Atlantische Oceaan, maar in de Arabische Zee (de Euraziatische populatie).

Ook in Katwijk valt een waarneming van een Rosse Franjepoot bijna altijd samen met een (zware) westerstorm. Het aantal waarnemingen per jaar binnen ons waarnemingsgebied is altijd op een hand te tellen. Het overgrote deel van de waarnemingen wordt gedaan in de maanden oktober tot en met december. Het gaat meestal om solitaire vogels, maar soms ook om twee of drie bij elkaar, zoals het trio in de Buitenwatering tijdens Kerst 2011.

Tekst: Arjan van Egmond. arjan@birdclubkatwijk.nl, rene@birdclubkatwijk.nl

foto’s: René van Rossum